Blog

Vanwege de impact van het coronavirus verlenen de grote Nederlandse banken aan zakelijke klanten met een lopend krediet met een uitstaand bedrag tot € 2,5 miljoen uitstel van betaling. Bedrijven krijgen automatisch zes maanden uitstel van betaling voor de rente, aflossing en kosten van hun lopende zakelijke krediet. Dat betekent dat in de maanden april tot en met september geen betalingen voor aflossing en dergelijke zullen worden geïncasseerd. Bedrijven die de rente, aflossing en kosten per kwartaal achteraf betalen krijgen automatisch uitstel daarvoor over het eerste kwartaal van 2020.

De uitgestelde rente, aflossingen en kosten van een rekening-courantkrediet worden in december 2021 door de bank geïncasseerd. Over de uitgestelde bedragen berekent de bank vanaf oktober 2020 rente. De uitgestelde rente, aflossingen en kosten van een zakelijke lening moeten uiterlijk aan het einde van de looptijd in een keer worden terugbetaald. Vanaf oktober wordt over de uitgestelde

In verband met de uitbraak van het coronavirus zijn met ingang van dinsdag 17 maart de rechtbanken, gerechtshoven en bijzondere colleges gesloten. Alleen zaken waar een rechterlijke beslissing niet achterwege kan blijven gaan door. Publiek is niet meer welkom bij de rechtszaken die doorgang vinden. De maatregelen duren in ieder geval tot 6 april.

De plaatsing van zonnepanelen op een nieuwbouwwoning geeft geen recht op aftrek van (een deel van) de voorbelasting, die drukt op de bouw van de woning. Dat volgt uit een uitspraak van Hof Arnhem-Leeuwarden.

Het voor de aftrek van voorbelasting vereiste rechtstreekse en onmiddellijke verband tussen de levering van energie via de zonnepanelen en de bouw van de woning ontbrak. De werkzaamheden voor de bouw van de woning waren niet nodig om de ondernemer in staat te stellen om met behulp van zonnepanelen energie op te wekken. De panelen hadden in een zonnepark kunnen worden geplaatst of op al bestaande gebouwen.

In deze casus was geen sprake van een woning die in zijn geheel aan het bedrijfsvermogen was toegerekend.

Het recht op aftrek van voorbelasting bleef beperkt tot de omzetbelasting die drukte op de zonnepanelen. Het hof heeft de andersluidende uitspraak van de rechtbank vernietigd.

De discussie of een auto ten tijde van de registratie in Nederland nieuw of gebruikt is, duurt voort. Het belang is groot, omdat voor gebruikte auto’s de bpm lager is dan voor nieuwe auto’s. Een nieuwe auto is een auto die na de vervaardiging niet of nauwelijks in gebruik is geweest.

Bij een geschil over de staat van een auto ten tijde van de registratie in Nederland rusten de stelplicht en de bewijslast van de gebruikte staat op de belanghebbende, die zich op de vermindering van bpm beroept.

Volgens Hof Arnhem-Leeuwarden is, ook in gevallen waarin een auto geen gebruikssporen vertoont, elke exacte grens op basis van de kilometerstand arbitrair. Van geval tot geval zal de staat van de auto dienen te worden beoordeeld met inachtneming van alle omstandigheden. Naar het oordeel van het hof kan van auto’s met kilometerstanden van respectievelijk 814, 782 en 797 niet gezegd worden dat zij na de vervaardiging niet of nauwelijks zijn gebruikt. Het hof vindt niet van

Voor een rechtsgeldig ontslag op staande voet moet de opzegging onverwijld worden gedaan wegens een dringende reden.

De opzegging om een dringende reden moet zo spoedig mogelijk worden gedaan nadat de dringende reden zich heeft voorgedaan. Voor het antwoord op de vraag of het ontslag op staande voet al dan niet onverwijld is gegeven, is beslissend op welk tijdstip de feiten die als de dringende reden worden aangevoerd ter kennis zijn gekomen van de werkgever. Bij een vermoeden van een dringende reden heeft de werkgever de tijd om zich van de juistheid van dat vermoeden te vergewissen voordat hij tot ontslag overgaat. Hoeveel tijd de werkgever heeft is afhankelijk van de omstandigheden, zoals de aard en omvang van een eventueel noodzakelijk onderzoek en de voorzichtigheid die daarbij geboden kan zijn, de noodzaak om rechtskundig advies in te winnen en het verzamelen van bewijsmateriaal. De werkgever moet de nodige zorg betrachten om te vermijden dat de werknemer in zijn belangen wordt

Na de eerder genomen maatregelen ter bestrijding van de coronacrisis komt het kabinet nu met een noodpakket aan bijzondere maatregelen. Dit noodpakket geldt voorlopig voor een periode van drie maanden en omvat drie hoofdelementen:

een noodpakket banen en economie;
de instelling van een noodloket;
liquiditeitssteun.

Noodpakket banen en economie

Werktijdverkorting

De huidige regeling voor werktijdverkorting is met onmiddellijke ingang ingetrokken. De regeling wordt vervangen door een Tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor werkbehoud (NOW).

Deze regeling maakt het mogelijk om meer werkgevers sneller financieel tegemoet te komen dan binnen de ingetrokken regeling mogelijk was. De noodmaatregel geldt voor alle bedrijven, ongeacht hun omvang. Het aanvraagproces staat los van de WW-regeling. Werknemers verliezen hierdoor geen WW-rechten.

Werkgevers met een verwacht omzetverlies van ten minste 20% kunnen bij het UWV een tegemoetkoming in de loonkosten aanvragen tot maximaal 90%

De verplichting om het loon door te betalen aan een zieke werknemer eindigt in de regel na 104 weken van arbeidsongeschiktheid. Op dat moment vervalt ook het opzegverbod wegens ziekte en kan de werkgever een ontslagvergunning aanvragen bij het UWV. Bij het ontslag moet de werkgever aan de werknemer een transitievergoeding betalen. Vanaf 1 april 2020 kunnen werkgevers compensatie aanvragen voor de transitievergoeding die zij hebben betaald bij het ontslag van een langdurig zieke werknemer. De compensatieregeling geldt voor transitievergoedingen die op of na 1 juli 2015 zijn betaald. Het UWV voert de compensatieregeling uit. Op het werkgeversportaal van de website van het UWV is vanaf 1 april het aanvraagformulier voor de compensatieregeling beschikbaar.

Let op! Om in te loggen op het werkgeversportaal is eHerkenning nodig.

Voorwaarden

Om in aanmerking te komen voor de compensatie gelden de volgende voorwaarden:

de arbeidsovereenkomst is (gedeeltelijk) geëindigd wegens

Een arbeidsovereenkomst omvatte onder meer een non-concurrentiebeding, een relatiebeding en een geheimhoudingsbeding. Op overtreding van deze bedingen stond een boete, die in een afzonderlijke bepaling was opgenomen. De arbeidsovereenkomst werd beëindigd door een tussen partijen gesloten vaststellingsovereenkomst. In deze overeenkomst stond dat de verplichtingen uit het non-concurrentiebeding, het relatiebeding en het geheimhoudingsbeding onverminderd van kracht bleven. De boetebepaling werd niet overgenomen en evenmin werd naar de boetebepaling verwezen. Wel bevatte de vaststellingsovereenkomst de bepaling dat alles was besproken en onderhandeld en dat partijen over en weer uit de arbeidsovereenkomst niets meer van elkaar te vorderen hadden, behoudens de verplichtingen uit de vaststellingsovereenkomst.

De kantonrechter oordeelde dat in de vaststellingsovereenkomst aan de overtreding van het non-concurrentie of het relatiebeding geen boete was verbonden. In de

De Stichting van de Arbeid, een overlegorgaan van werkgevers- en werknemersorganisaties, heeft een voorstel voor een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen zonder personeel uitgewerkt. Zelfstandigen met personeel worden uitgezonderd van de verzekeringsplicht.

Het voorstel houdt in dat elke zelfstandige standaard verzekerd is voor een uitkering van 70% van het laatstverdiende inkomen, tot een bedrag van circa € 30.000 per jaar. De uitkering is maximaal gelijk aan het wettelijk minimumloon van momenteel € 1.650 bruto per maand. De premie voor deze verzekering bedraagt 8% van het inkomen en is aftrekbaar. De uitkering kent een wachttijd van 52 weken. Zelfstandigen hebben de keuze om de wachttijd te verkorten tot 26 weken of te verlengen tot 104 weken. De verzekering loopt tot het bereiken van de AOW-leeftijd. Zelfstandigen hebben de mogelijkheid zich aanvullend te verzekeren.

Het UWV wordt verantwoordelijk voor de claimbeoordeling, de

Bedrijven die door het coronavirus tijdelijk te weinig werk hebben voor hun werknemers, kunnen een beroep doen op de regeling voor werktijdverkorting. Deze regeling geldt bij buitengewone gebeurtenissen, die niet onder het normale ondernemersrisico vallen. Het coronavirus is zo’n buitengewone gebeurtenis. Als een buitengewone gebeurtenis tot gevolg heeft dat er tijdelijk onvoldoende werk is voor alle werknemers kunnen zij een WW-uitkering wegens werktijdverkorting krijgen. Om voor een WW-uitkering wegens werktijdverkorting in aanmerking te komen moet de werkgever een vergunning voor werktijdverkorting hebben van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Voorwaarden vergunning

Het ministerie verleent een vergunning voor werktijdverkorting als voldaan is aan twee voorwaarden:

Het bedrijf is getroffen door een bijzondere situatie die niet onder het normale ondernemersrisico valt, zoals het coronavirus.
De verwachting is dat er voor een periode van minimaal twee tot